Olifantenpolo

OlifantenpoloOscar Oomen is bioloog. Tijdens zijn studie reisde hij door Nepal om veldonderzoek te doen en raakte in de ban van het land. Als de relatie met zijn vriendin in de jaren zeventig op de klippen loopt, besluit hij Nederland te verlaten en een hotel te beginnen in Kathmandu.

Aanvankelijk kost het hem grote moeite zijn draai te vinden. Het blijkt geen sinecure dit ambitieuze project van de grond te krijgen, maar na verloop van tijd staat er een trots gebouw en is er zelfs een manager om de dagelijkse dingen te regelen.

Oscar begint het leven te leiden van een jonge koloniaal, omringd door dienstbaarheid. Onzichtbare handen bereiden zijn maaltijden, poetsen zijn schoenen en persen zijn broek in een messcherpe vouw. Intussen maakt hij tochten door de Himalaya en speelt olifantenpolo in de zuidelijke Terai, met Aziatische zakenlieden en Westerse ambassadeurs.

Hij lijkt te slagen in zijn zelfgekozen bestemming – totdat zijn gemakzuchtig leven wordt doorkruist door de politieke realiteit. Wanneer de Nepalese kroonprins in de zomer van 2001 de koninklijke familie vermoordt en de Maoïsten vervolgens een aantal van zijn toeristen ontvoeren, begint het verval.

Oscar degradeert van Sahib tot Slachtoffer.